De Laugavegurtrail in IJsland
Het wordt een van de mooiste trektochten ter wereld genoemd: de Laugavegur Trail in IJsland. Achter iedere bocht ontdek je iets nieuws, een nieuw landschap dat je nooit eerder zag. Lavavelden, sneeuwvlaktes, geisers, canyons, rivieren en vulkanen. Ultieme uitzichten om nooit te vergeten. Maar het is ook een zware tocht. Van Landmannalaugar tot Þórsmörk is het 55 km door ruw terrein. Kamperen doe je op bivakzones in de allermooiste natuur. Eten doe je uit adventure food zakjes. En het weer? Dat neem je erbij! Reken maar op vier seizoenen in één dag!
Ik wandelde de trail in juli (zonder kindjes) en sloot aan bij een groep van Travelbase.
Dag 1: van Landmannalaugar naar Álftavatn
Na een vlucht naar Reykjavik, een trailbriefing en een transfer naar het eerste basecamp, komen we aan in Landmannalaugur. Dat is de plek waar onze trail zal starten. Landmannalaugar is een afgelegen plek in vulkanisch gebied dat enkel te bereiken is met een 4x4. Onze 4x4-bus moet rivieren door en brengt ons door ruig terrein tot op de camping. Op de camping staan al veel tenten bij elkaar. Ik zoek een plekje op de stenige ondergrond en heb al meteen moeite om mijn tentharingen in de grond te krijgen, wat wel nodig is want er staat een stevige wind en het weer is grijs en koud.
Bij Landmannalaugar is een warmwaterbron. Je kan hier heerlijk onderdompelen in een warme rivier. Buiten is het maar een graad of 10 dus dat kost even wat moeite. Maar de beloning is groot! Al moet je er enkele dronken ‘avonturiers’ bij nemen die zich bijna verslikken in het rivierwater en het onderdompelen nogal letterlijk nemen.
Op de eerste ochtend moet ik al meteen mijn tent inpakken in hevige regen en een ijskoude wind. Dat is niet eenvoudig, alles past maar net in mijn rugzak en ook het foodpack met al mijn eten voor de hele trail moet erin. Mijn rugzak weegt loodzwaar en die natte tent helpt daarbij niet. Nog twee liter drinkwater erbij duwen en ik val bijna om met die rugzak op mijn rug.
Vandaag wandelen we van Landmannalaugar naar Álftavatn. De eerste dag is meteen de allerzwaarste: we moeten 24 kilometer wandelen en 629 meter stijgen. We vetrekken in de regen, met zicht op de prachtig gekleurde bergen van Landmannalaugar. Hier en daar komt er rook en heet water uit de grond. Het is echt heel indrukwekkend om hier te zijn en een loodzware rugzak de bergen op te krijgen.
Na een lange beklimming en bevroren vingers, maken de gekleurde bergen van Landmannalaugar plaats voor eindeloze sneeuwvlaktes. Ik zie amper waar ik stap en probeer geconcentreerd de rugzakken en de voetstappen voor mij te volgen. Gewoon die fluostip voor me vasthouden en de ene voet voor de andere zetten tot ik die sneeuw voorbij ben. Gelukkig kan ik aansluiten bij andere hikers van de groep, al babbelend en lachend gaat het allemaal veel vlotter.
Tegen de middag zijn we bij de hut van Hrafntinnusker, op het hoogste punt van de trail. We zijn nat en koud dus kruipen we binnen in de schuilhut, opeengepakt met andere hikers, om ons adventure food pakketje klaar te maken. Water koken op een brandertje, in het foodpack gieten, tien minuten wachten, roeren en we kunnen eten. Vegetarische pasta met champignon :-)
Vanaf hier gaat de route voornamelijk naar beneden. Dat helpt, want mijn schouders en voeten beginnen pijn te doen. Maar de weg is nog lang. Als we vanop een uitzichtspunt het meer van Álftavatn, ons eindpunt voor vandaag, zien liggen, is het nog drie uur wandelen, au! Het landschap verandert helemaal. Ik ben nu omringd door groene bergen en gletsjers. Het is prachtig en onvergetelijk, maak ook pijnlijk en extreem vermoeiend. We moeten nog twee ijskoude rivieren door. Dat betekent: wandelschoenen uit, waterschoenen aan en evenwicht zoeken met je stokken in het snelstromende water. En niet blijven stilstaan! Of je tenen vriezen eraf!
Als ik eindelijk, na een heel lange dag stappen, op het basecamp bij Álftavatn aankom, vallen mijn heupen bijna uit elkaar en doen mij voeten extreem veel pijn. Een zware rugzak 24 km over ruig terrein dragen op dag één valt niet bepaald mee. Maar echt, ik heb genoten, van iedere minuut. En als we de tenten opzetten, komt de zon door de wolken piepen. Het is een adembenemende plek om te kamperen hier bij het meer.
Dag 2: van Álftavatn naar Emstrur
Dag 2 is minder pijnlijk - nog wat stram in het begin maar dat wandel ik er snel uit - en minder extreem. De zon schijnt als we de tenten inpakken, dat helpt ook. De route gaat nog even door de groene heuvels en verandert dan in pikzwarte lavavelden. Dit is het meditatieve stuk zeg maar, kilometers rechtdoor door een zwart, eentonig maar heel mooi landschap. Vandaag moeten we 15 kilometer tot bij Emstrur, dat is 260 m stijgen en ook 260 m weer dalen, inclusief enkele rivieroversteken! Ohja, en als je dacht dat de zon bleef schijnen, klopt niet! We eindigen in de regen.
Emstrur ligt aan de Markarfljótsgljúfur Canyon. Probeer dat maar eens uit te spreken! En zeker als je opnieuw 15 km in de benen hebt. Ideaal voor een avondwandeling. Dus ja, als de tent staat en ons foodpack nummer zoveel gegeten is, gaan we nog voor een korte wandeling naar de Canyon. De Markarfljótsgljúfur dus. Het blijft hier toch bijna heel de nacht licht, tijd genoeg.
Dag 3: van Emstrur naar Þórsmörk Langidalur
De zon schijnt opnieuw op dag 3! En het landschap verandert weer helemaal. In de zon is alles nog veel mooier, ik geniet echt van iedere kilometer. Vandaag gaan we van maanlandschappen en zicht op gletsjer naar groene bossen, tot bij het basecamp van Þórsmörk, oftewel het bos van Thor. Uiteraard met weer een paar regenbuien onderweg. We moeten 16 kilometer op deze traildag, en het is meer dalen dan stijgen. Mijn rugzak voelt al wat lichter aan en mijn spieren getraind, puur genieten dus!
Het basecamp van Þórsmörk Langidalur is heel mooi en idyllisch gelegen, met zicht op nog meer hoge bergtoppen. Hier zetten we de tent op op een frisgroen grasveld. Er is een hutje waar je Pringles chips kan kopen, maar we nemen nog geen afscheid van onze food-zakjes. We brengen de avond al roerend in onze vegi curry zakjes door in een stralende zon.
Dag 4: hike bij Þórsmörk
De Laugavegur Trail zit erop. Hier bij Þórsmörk eindigt de trail van 55 km lang. Maar er is nog heel veel te wandelen hier. En ook de zon duwt ons de tent uit voor een prachtige hike vandaag, zonder rugzak deze keer! 9 km door prachtig landschap, klimmen en dalen, met vergezichten om niet snel te vergeten.
We moeten ook nog een klein stukje wandelen (2 km, met rugzak) van Þórsmörk Langidalur naar Þórsmörk Husasalur. Het laatste basecamp van deze trail. Hier zijn we weer een heel klein beetje in de normale wereld. Er is een warme douche en een bar met veel eten, zelfs een sauna, zachte bedden en een vuurplek. Ik maak alleen gebruik van de warme douche (en de vuurplek), en wil nog even het gevoel van de allesomvattende natuur vasthouden. Met koken voor mijn tent en eten uit zakjes. En slapen op mijn luchtmatje in mijn eigen tent.
‘s Avonds doen we een laatste hike naar de top van de Valahnúkur, 2,5 km en 254 hoogtemeters. Voor nog een laatste blik op dit adembenemende IJslandse landschap.
Dag 5: Reykjavik
Een 4x4-bus brengt ons nu écht naar de bewoonde wereld. Niet zonder ons nog af te zetten bij de Seljalandsfoss, de beroemdste waterval van IJsland. ‘s Avond is er nog wat tijd om Reykjavik te bezoeken en eet ik voor het eerst deze week geen zakjeseten maar een heerlijke vegetarische hamburger in de Hlemmur Foodhall. Voor wat muziek en om iets te drinken gaan we naar The Old Bookshop (Hús máls og menningar) in de … jawel …. de Laugavegur-straat.